beja-go-usa.reismee.nl

We zijn weer thuis!

Zaterdag 21 Juni: we zijn weer thuis! Na een lange dag (eigenlijk anderhalve dag) reizen stonden we gisteren om half negen 's avonds weer op het station in Zutphen. Ruim negen uur vliegen van Las Vegas naar London Gatwick, daar nog een paar uur wachten tot onze aansluitende vlucht vertrok, en daarna nog een uurtje vliegen naar Schiphol. Het laatste deel van de reis werd verzorgd door de NS, of eigenlijk door Martin en Carolien die ons van het station naar huis hebben vervoerd. Moe van de reis, maar vooral vanwege de indrukwekkende dingen die we hebben gezien (en gedaan!), maar zeker ook voldaan en tevreden. Wat een geweldige vakantie, en wat een prachtig land! Zeker voor herhaling vatbaar, als de gezondheid, de tijd en het geld het toelaten. Die laatste twee dingen zijn natuurlijk nog enigzins door ons zelf te beinvloeden, en wat de gezondheid betreft doen we ook ons best. We zijn nog van plan om deze drie weken (het waren drie fantastische weken!) voor jullie samen te vatten in een laatste bijdrage aan deze reislog, maar daar nemen we nog even de tijd voor! Alvast bedankt voor de belangstelling die jullie hadden tijdens onze reis. We vonden het steeds weer leuk om jullie reacties te lezen en weer nieuwe verhalen en foto's op de log te zetten. Alsof er toch nog een heel dun lijntje liep tussen jullie hier in Nederland, en wij daar ergens anders op deze planeet. Dit weekend proberen we een beetje bij te komen van de terugreis en alle enerverende ervaringen van de laatste weken. Hopelijk lukt het ons om de draad van het dagelijkse leven volgende week zo langzaam maar zeker weer op te pakken...

Onze camper ervaringen...

Nu we zo ongeveer rond zijn op onze tocht door de US, willen we nog een paar camper ervaringen met jullie delen.
Om te beginnen: we vinden dit een geweldige manier van vakantie vieren! Optimale vrijheid, en toch een stuk comfort binnen handbereik. Wat je wel moet doen is een beetje plannen. Goed in de gaten houden wat je onderweg wilt c.q. moet doen, zodat je niet op de camping ontdekt dat je nog een pakje boter moet hebben. Verder moet je je route zo plannen dat je onderweg de dingen tegenkomt die je wilt zien. Een andere optie is natuurlijk om in de buurt van een bezienswaardigheid te kamperen, zodat je er 'even' met de camper naar toe kunt rijden. En tenslotte zijn parken als de Grand Canyon, Bryce en Zion natuurlijk ideaal, vanwege de shuttles. Die brengen je overal in het park waar je maar wilt zijn, terwijl je de camper op de camping kunt laten staan (als je tenminste van te voren een plekje op de campground van het park hebt gereserveerd).


De camper (RV dus) heeft alle comfort die wij ons wensen: koud/warm water, airco, toilet, douche, koelkast en vriezer, magnetron, etcetera. Bovendien vindt één lid van ons reisgezelschap het bijzonder handig dat je even langs de kant van de weg een kopje koffie kunt zetten, ook al zit je midden in de woestijn van Nevada of sta je moederziel alleen in de bossen van Utah. Zo nu en dan moet je zorgen dat je op een camping met een full hook-up staat. Daar kun je de electriciteit aansluiten (handig voor het opladen van de batterijen van de camera's en de mobiele telefoons), de vers-water tank weer vullen, en de vuil-water tanks leeg laten lopen. Als je met twee personen in een camper leeft kun je zonder problemen een dag of vier achter elkaar zonder hook-up. Dat is op de campings van de nationale parken vaak ook nodig, want die hebben meestal geen hook-ups. Wat dat betreft is er sprake van een soort natuurkundige behoudswet: hoe mooier de locatie en omgeving van de camping, hoe minder de faciliteiten, en hoe meer je dus op je eigen systemen in de camper bent aangewezen.

Een vergelijkbare regel lijkt er te gelden voor de wegen waarover we rijden: hoe mooier het omringende landschap, hoe slechter de wegen! En dat brengt ons op een ander punt: de kwaliteit van de Amerikaanse wegen. Die is, althans naar onze ervaring, vaak rampzalig! Natuurlijk zijn er de 'Interstates': ruime en vaak eindeloze wegen die meerdere staten doorkruizen. Cruise control aan, en alleen het stuur vasthouden (soms krijg je de neiging om dat ook nog even vast te zetten), en karren maar. Maar met uitzondering van die Interstates is de kwaliteit van het amerikaanse wegennet niet erg geweldig: veel hobbels, kuilen en scheuren in de weg, zodat we, in combinatie met de nogal stugge vering van onze camper, vaak het idee hadden dat we per postkoets door het wilde westen reden. Maar goed, wat wil je ook: in zo'n groot land met zoveel wegen waar men geen wegenbelasting betaalt mag je niet klagen. En bovendien maakt het geweldige landschap waar je doorheen rijdt alles meer dan goed!

In Amerika is alles groter, en dat geldt ook voor campers. Als we 'onze' camper bij ons thuis op de oprit zouden zetten zou het hele dorp bij ons op de stoep staan. Hier vinden ze dit maar een klein wagentje. Het is hier heel normaal om met een camper van het formaat autobus rond te rijden, en voor het gemak hang je daar dan je dagelijkse personenauto gewoon achter! Omdat zo'n bus toch wel een beetje krap is heb je vaak ook nog aan alle kanten zogenaamde 'slide-outs', vrij vertaalt uittrek-stukken, waardoor je de camper hier en daar nog een stukje breder maakt. Als je zo'n kampeer-monster tegen komt verwacht je dat er een heel reisgezelschap uit zal stappen, of een gezin met minstens 12 kinderen. Maar niets van dat alles! Vaak worden dit soort buiten-proportionele verblijven bewoond door een ouder/gepensioneerd echtpaar, die soms met zichtbare moeite de hoog gelegen cabine van hun motorhome bestijgen. Een ander populair kampeerartikel is hier een 'fifth-wheel'; zeg maar een truck met oplegger maar dan is de oplegger een caravan. Vraag me niet waarom dit een vijfde wiel heet, want er zitten vaak een heleboel wielen onder. Vaak zijn dit soort caravans langer dan onze camper, en zit er een pick-up truck voor waarmee je bij ons in Nederland bij geen enkele stad het centrum in komt.

Het is trouwens prachtig om in zo'n camper te stappen en de motor te starten. Tegen de achtergrond van een zachtjes grommend 7 liter monster onder de motorkap hoor je allerlei belletjes rinkelen: omdat je de gordel nog niet om hebt, omdat de sleutel in het contactslot zit terwijl de deur nog open staat, of omdat de handrem (emergency break noemen ze dat hier) er nog op zit. Gek wordt je ervan, als je de camper op de camping even een paar centimeter vooruit wilt zetten met de deur open en zonder gordel om. Al die 'techniek' in zo'n camper is overigens wel erg schattig. Op het controle paneel zie je de toestand van alle systemen: de hoeveel water die je nog aan boord hebt, de hoeveel gas voor het koken, verwarmen en de koelkast, de hoeveelheid vuil water en de spanning op de accu's. Verder heb je een generator aan boord die draait op de benzine waar de motor ook op loopt. Hiermee kun je electriciteit opwekken (110 Volt hebben ze hier) voor de momenten waarop je geen electrische hook-up hebt. Dat is met name handig voor de airco en de magnetron. Zoals bijna alle auto's in de US heeft onze camper automatische transmissie. Alleen met je rechtervoet rijden dus. En even onthouden dat de 'R' voor 'reverse' staat (achteruit), en niet voor Rijden!

Iets waar we het ook nog even over moeten hebben is het brandstof verbruik van zo'n bakbeest. En met brandstof bedoelen we benzine. Geen diesel, hoe kom je erbij! Dat is alleen voor vrachtwagens. Bovendien is diesel hier duurder dan benzine. En wat die prijs van de benzine betreft: daarover wordt in de Verenigde Staten luidkeels geklaagd. Wel 4 dollar per gallon, dat is zo'n 70 eurocent per liter. Als je ze vertelt dat we bij ons in Nederland het dubbele betalen kijken ze je heel erg ongelovig aan. De eerste keer dat we hier aan het tanken waren dachten we trouwens dat er een gat in de tank zat! Meestal tanken we als de meter van de tank nog ongeveer 1/4 aangeeft. Een volle tank is zo'n 40 gallon, dus bij een tankbeurt gaat er al gauw zo'n 30 gallon in. Vertaald naar west-europese eenheden is dat zo'n 120 liter. Thuis rijden we daar ruim een maand mee rond, maar dit vehikel heeft dat zo ongeveer elke vier dagen nodig. We hebben even zitten rekenen en kwamen op een verbruik van ongeveer 1 op 4 (1 liter voor 4 kilometer, wel te verstaan, probeer maar eens uit te rekenen hoeveel gallons per mile dat is...).

Dan nog even iets over de campings. Als je hier zo rond rijdt merk je dat dit land 'gemaakt' is voor de camper. Veel campings zijn helemaal ingericht op campers (RV parks), ook op die hele grote autobussen! Omdat je met een camper vooral rond trekt (en dus niet lang op de zelfde plaats blijft staan), zijn veel campings niet gericht op luxe faciliteiten zoals je die in Europa regelmatig tegenkomt (groot zwembad, mooie toilet/douche gebouwen, restaurant/bar, etc.). In je camper heb je immers alles aan boord, en morgen ben je al weer 'on the road'. Vrijwel zonder uitzondering hebben alle plaatsen op de camping een picknicktafel en een barbeque. 's Avonds ruik je vaak de geur van smeulend houtskool, verbrand vlees en walmende houtvuren, want amerikanen houden wel van een vuurtje stoken. En barbequen is hier natuurlijk volkssport nr 1. Hoewel je wel veel amerikanen ziet smokkelen met een gasgestookte of elektrische barbeque. Zonder enige uitzondering zagen alle campings waar we hebben gestaan er keurig onderhouden en netjes uit, geen rommel op de terreinen en geen vieze bende in de toiletten. Een hoofdstuk apart zijn de campings van de National Forest Service of het Bureau of Land Management. Dat zijn vaak echte natuur campings, gelegen in een prachtige omgeving, niet zelden ver van de bewoonde wereld. Hier vindt je nog echte stilte en donkere nachten met een onwaarschijnlijk mooie sterrenhemel. Vaak is er op dergelijke campings geen kantoor waar je je moet inschrijven, maar zoek je een mooie plekje op, doe je het benodigde geld in een envelop en gooi je die in een bus bij de ingang van de camping. Faciliteiten heb je er bijna niet op zo'n camping, maar je staat wel midden in de natuur!

Terug in Las Vegas

Zo, we zijn weer in Las Vegas, de stad waar onze vakantie drie weken geleden begon. Vanmorgen zijn we vanaf Lake Mead RV Village vertrokken naar de El Monte vestiging in Las Vegas om de camper in te leveren. Daarna met de shuttle van El Monte naar hotel Excalibur, een hotel dat lijkt op een middeleeuws kasteel. Met de nadruk op 'lijkt', want alles is natuurlijk overgoten met een dikke saus van Amerikaanse nep. Maar goed, wel leuk om eens te zien. In deze aaneenschakeling van casino's, hotels en shows kunnen we ons nog eens weer verbazen over de ongekende extravagantie van deze stad. Wat een tegenstelling met de prachtige natuur en de overweldigende landschappen waar we de laatste drie weken van hebben mogen genieten. Dat was allemaal wel echt!
Vanmiddag hebben we de taxi gepakt naar het Las Vegas Outlet Center, en hebben we ouderwets gewinkeld. Maar goed dat we onze jongste dochter niet bij ons hadden, anders hadden we er nu waarschijnlijk nog gelopen (met zeker heel wat minder credit op onze kaart!). Vanavond hebben we aangeschoven aan het buffet in Excalibur, zoveel eten en drinken als je maar kunt tegen een vaste prijs. Dat spreekt ons Hollanders wel aan. En de Amerikanen zo te zien ook wel, want de borden werden weer overdadig gevuld!

Morgenochtend (19 Juni) gaan we het rustig aan doen. Lekker ontbijten in het hotel en misschien nog een beetje flaneren over de Strip, en als we durven nog even gokken in het casino. Morgenmiddag om vier uur plaatselijke tijd vliegen we terug met Virgin Atlantic naar Londen. Daar hebben we een paar uur wachten voor de boeg voordat de vlucht naar Amsterdam vertrekt. Het is dan ondertussen al vrijdag, want op de terugweg raken we de negen uur weer kwijt die we op de heenweg extra hebben gekregen. Als alles volgens plan verloopt hopen we vrijdag 20 Juni tegen het eind van de middag op Schiphol te landen. Al met al is dit waarschijnlijk het laatste bericht op onze log vanuit de US. We melden ons wel weer als we in Nederland zijn. Groetjes uit Las Vegas!

Zion National Park en de dagen daarna...

Dag beste mensen.

Het ging even weer iets minder met internet, dus jullie hebben een paar dagen niets van ons gehoord. Op dit moment zitten we al weer in Las Vegas, na de camper te hebben ingeleverd. Maar we zijn jullie nog een verslag schuldig van ons verblijf in Zion National Park en de dagen daarna.

Maar eerst even iets over het weer. De afgelopen dagen is de temperatuur hier omhoog geschoten; in het weekend zaten we rond de 100 F (zo'n 38 graden Celsius) en zoals je in het vervolg van ons relaas zult merken werd het later nog iets heftiger. De luchtvochtigheid is extreem laag, minder dan 10%, en daarom merk je amper dat je zweet. Maar ondertussen verliest je lichaam wel veel vocht, dus veel water drinken! Zo nu en dan waait er een verfrissend windje, althans 's morgens, want 's middags lijkt het alsof er een hele grote fohn wordt aangezet.

De temperatuur heeft ook zo z'n invloed op onze activiteiten. Zaterdag (14 Juni) zijn we 's morgens van Zion River Resort naar de Watchman Campground in Zion National Park gereden (maar een paar kilometer). Op de campground hadden we vanuit Nederland al een plaatsje gereserveerd, en dat bleek maar goed ook, want de hele camping zat vol. Watchman Campground vind je direct na de zuidelijke ingang van het park, in de buurt van het Visitor Center. Daar kun je op de shuttle stappen die je bij alle belangrijke punten in het park brengt. Dat zijn vooral beginpunten van wandelroutes (trailheads), want Zion is boven alles een hiking park. Gisteren (vrijdag) hadden we de Emerald Pool trail al gelopen, en vandaag wilden we ook een trail doen. Omdat we niet al te vroeg in het park waren en vanwege de hoge temperatuur hebben we zaterdag de Riverside Walk gelopen. Klinkt redelijk relaxed, en dat was het ook. Vanwege de lage moeilijkheidsgraad (en misschien omdat het weekend was) was het erg druk op deze wandeling. De wandeling begint op de meest noordelijke stop van de shuttle-route en loopt via een goed onderhouden pad langs de Virgin River, tot aan het punt waar de canyon zo smal wordt dat er geen ruimte meer is voor een pad en je alleen door de rivier zelf verder kunt. Omdat we daarvoor geen goede schoenen hadden (en op blote voeten over de kiezelbodem van de rivier leek ons geen goed plan) zijn we maar weer terug gelopen, hoewel het bruizende water van de rivier er wel heel aantrekelijk uit zag. Met de shuttle naar Zion Lodge gereden (een hotel, inclusief restaurant/cafetaria/gift shop) en onszelf op een softijsje van amerikaanse omvang getrakteerd.

De volgende dag (zondag 15 Juni) moest het gaan gebeuren, wat betreft onze hiking aspiraties. Voor de derde achtereenvolgende dag een hike, en ditmaal de creme-de-la-creme van de hikes: Angel's Landing! Iedereen die je in Zion spreekt heeft het over deze hike, en je ontvangt onmiddellijk grenzeloos respect en ontzag als je vertelt dat je Angel's Landing hebt 'gedaan'. En niet geheel ten onrechte, want dit is nou echt een hike waarbij je even uit een ander vaatje moet tappen. Het totale hoogteverschil dat moet worden overwonnen is zo'n 450 meter. Anders dan bij hikes in bijvoorbeeld de Grand Canyon ga je hier echter eerst omhoog, zodat je het zwaarste deel eerst voor je kiezen krijgt. Maar zoals bij veel hikes is hitte vaak nog een grotere vijand dan hoogte. Die dag zou het opnieuw warm worden, en om de grootste hitte te ontlopen waren we al vroeg op pad gegaan. 's Morgens om half acht de shuttle vanaf het Visitor Center genomen en om acht uur stonden we bij 'The Grotto', de shuttle stop waar zich de trailhead van de Angel's Landing trail bevindt. Na een verraderlijk eenvoudig begin ging de trail zonder waarschuwing plotseling steil omhoog. Gelukkig klommen we in de schaduw, dus dat was goed te doen. Even bleef het pad redelijk vlak in de Refrigerator Canyon, een diepe kloof met steile rotswanden aan beide kanten. Omdat hier bijna altijd schaduw is, is het heerlijk koel. Aan het eind van deze canyon ging het ineens weer stevig omhoog. In 21 haarspeldbochten, die men de bloemrijke naam 'Walter's Wiggles' heeft gegeven gaat het soms ongelooflijk steil omhoog (steiler dan dit hebben we hier nog niet meegemaakt!) naar Scouts Outlook. Vanaf dit punt heb je een waanzinnig uitzicht over de canyon die de Virgin River in het landschap heeft uitgesleten, en diep beneden je lijken de shuttle bussen als in een modelbaan rond te rijden. Bij Scouts Outlook begint het laatste deel van deze hike, in ongeveer een halve mijl naar de top van Angel's Landing. Dit laatste deel bestaat uit een berghelling die je aan kettingen hangend moet beklimmen, van een fatsoenlijk pad is geen sprake meer. We hebben het even geprobeerd, en de grootste klipgeit van ons is nog ongeveer halverwege geweest, maar toen hielden we het voor gezien. Na een spannende afdaling (als het steil omhoog gaat, gaat het ook weer steil naar beneden) waren we om 12 uur weer beneden, en toen begon het al weer behoorlijk warm te worden. We hebben onszelf voor deze krachtsinspanning beloond met een heerlijke lunch in de Zion Lodge, en daarna hebben we in de schaduw van de camper de hitte van de dag verwerkt.

Maandag 16 Juni begon met het weemoedige gevoel deze schitterende vakantie in de US bijna over is. Zion was het laatste park dat we 'gepland' hadden, en wat nu nog restte was het laatste stukje tot aan Las Vegas, waar we de camper weer in moeten leveren. Vanuit Zion ben je via de Insterstate 15 in een paar uur in Las Vegas, maar daar hadden we weinig zin in. In plaats daarvan was ons oog gevallen op een interessantere route door het Valley of Fire State Park. Maar eerst moet je via de Interstate naar de afslag rijden die toegang geeft tot dit park. Alsof de Insterstate ons nog even een korte samenvatting wilde geven van de staten die we de afgelopen weken hebben aangedaan, ging de route vanuit Zion (Utah) door een hoekje van Arizona naar Nevada. In Arizona gaat de 15 door een spectaculair berggebied: hoge, steile rosten aan weerskanten van de weg. En zelfs zonder dat je weet dat je de grens tussen Arizona en Nevada kruist merk je dat je weer in Nevada bent. Vanaf het eerste moment vliegen de casino's en de gokmachines je weer om de oren! De route door het Valley of Fire State Park is opnieuw adembenemend. Ook dit is Nevada, en die kant van deze staat bevalt ons een stuk beter. Grillige, vuurrode rotsen in een eenzaam, kurkdroog woestijngebied. En alsof we nog niet genoeg onder de indruk van de woestijn waren deed het weer er nog een schepje boven op. Die dag was het 112 F (ruim 44 graden Celsius!) en stond er een stormachtige wind die zo heet was dat je het gevoel had alsof je in een kolossale hetelucht-oven rond liep. Prima woestijnweer, zou je zeggen! Elke keer als we even buiten de camper kwamen om van een mooi uitzicht te genieten of een paar foto's te maken vluchtten we letterlijk weer naar binnen om ons te laven aan de koelte van de airco. De weg door het Valley of Fire State Park komt uit op de route langs Lake Mead (het stuwmeer dat door de Hoover Dam is gevormd). Lake Mead is een geweldige blauwe oase in de woestijn rondom Las Vegas, en overal zie je jachthavens, omringd door palmbomen en onderweg kom je steeds weer auto's tegen met een enorme powerboat er achter, op weg naar het meer. We hadden een camping bij zo'n jachthaven uitgezocht om die nacht te bivakkeren, maar die zag er zo troosteloos uit dat we maar door zijn gereden. De volgende campground was niet veel beter: eigenlijk een trailer-village (een verzameling sta-caravans voor mensen die een boot in de jachthaven hebben liggen) met plaats voor wel 5 RVs. Omdat we geen zin hadden om nog verder door te rijden zijn we hier maar gaan staan. Snel de electrische hook-up aangesloten, de airco op volle oorlogssterkte en afkoelen in de camper. Zelfs 's avonds om tien uur was het buiten nog snikheet.

Dinsdag 17 Juni hebben we een begin gemaakt met het inpakken van onze koffers. Het is opieuw een hete dag (ruim boven de 40 C). Nadat we de 'camping' hadden verlaten zijn we nog een stukje verder langs het meer gereden in de richting van Las Vegas. Even bij Lake Mead RV Village gestopt om een plekje voor vannacht te claimen. Dat is dezelfde camping waar we drie weken geleden voor het eerst hebben overnacht (de dame bij de receptie zei al dit we er 'familiar' uitzagen). Bij de Las Vegas Marina gelunched (scheelt weer een kookbeurt in de hitte) en daarna de camper op campground gezet met een geweldig uitzicht op Lake Mead. Opnieuw hetzelfde ritueel als gisteren: electriciteit aansluiten, airco aan en afkoelen. Vandaag moeten we nog wat dingen inpakken, de camper een beetje schoonmaken en de laatste rommel weg werken. Morgen maken we onze water-tanks leeg, vullen we de benzine tank voor de laatste keer en rijden we naar El Monte in Las Vegas om de camper weer in te leveren.

Vrijdag 13 Juni

Hallo mensen! Wat een luxe, voor de tweede achtereenvolgende dag hebben we internet toegang! En dat terwijl we met onze mobiele telefoon al dagen achter elkaar vrijwel geen bereik hebben. We zijn trouwens een beetje met de dagen in de war, want gisteren was het natuurlijk niet woensdag 12 Juni, maar donderdag! Geen wonder, want als je hier vrij van elke dagelijkse regelmaat rond toert moet je soms echt even nadenken welke dag het is. Maar goed, wat hebben we vandaag gedaan? Zoals gezegd wilden we een dag extra voor Zion National Park, dus hebben we nog een dag bij-geboekt op de camping waar we gisteren zijn aangekomen: Zion River Resort. Vanmorgen zijn we met de camper naar het national park gereden en hebben we ons voertuig bij het Visitor Center geparkeerd. Van daar kun je met de shuttle het hele park door.

Even iets over Zion National Park. Dit is een van de meest populaire national parks in de US, vooral vermaard door de prachtige rotsen en diepe kloven, gevormd door de Virgin River. Een echte canyon dus! Omdat het park relatief laag ligt (1500 meter boven zee-niveau) is er veel groen. De hoogste bergen in het park reiken tot zo'n 2400 meter. De Virgin River heeft goed haar best gedaan en er een prachtig park van gemaakt, met steile rotskliffen, kabbelende bergbeekjes en meertjes, en meer van dat soort spul. Het park is vooral populair bij hikers, want er zijn een paar geweldige hikes door de bergen en de canyon van de Virgin River te maken.

Vandaag zijn we met de shuttle naar de Zion Lodge gereden. Daar bevindt zich het begin van de Lower en Upper Emerald Pool trail. De Emerald Pools zijn een paar kleine meertjes (behalve de Lower en Upper pool is er ook nog een Middle Emerald Pool) die gevoed worden door smeltwater hoog uit de bergen. Wij hebben de volledige trail gelopen, eerst naar de Lower Pool, dan naar de Middle pool en tenslotte via een niet onderhouden trail nog een behoorlijk stuk omhoog naar de Upper Emerald Pool. De wandeling was vooral pittig vanwege de temperatuur: het was hier vandaag zo'n 36 graden Celsius. Wat een tegenstelling met gisteren; toen konden we een geplande trail niet lopen omdat het pad door de sneeuw was geblokkeerd! De afdaling was relatief simpel, hoewel het laatste stuk behoorlijk steil naar beneden ging. De rest van de dag hebben we niet zo veel meer gedaan; proberen niet te veel te bewegen, want daar was het veel te warm voor.

Morgen verplaatsen we ons naar de Watchman campground in Zion National Park (maar een paar kilometer van waar we nu zijn). Dan pakken we waarschijnlijk opnieuw de shuttle (met eigen vervoer mag je maar een klein stukje het park in) en gaan we misschien nog een andere hike doen. Maar we houden het wel een beetje rustig, want voor morgen en overmorgen wordt opnieuw bijzonder warm weer verwacht (ongeveer 37 C). We denken er nog over na om de Angels Landing trail te doen, volgens velen de 'top of the world' hike. Maar als we dat gaan doen, moeten we heel vroeg beginnen, om de grootste hitte voor te zijn (misschien iets voor zondag).

Goed, dat was het even wat betreft onze aktiviteiten. We blijven jullie op de hoogte houden, maar de volgende keer kan wel even op zich laten wachten, want we duiken nu weer een internet-isolement in.

'Dit is absurd'

'Dit is absurd.' Dat hebben we vandaag (woensdag 12 Juni) meer dan eens gezegd. Overigens niet in negatieve zin, maar het was wel weer een dag met eigenaardige ervaringen, om het zo maar eens te zeggen.

Om te beginnen was het de afgelopen nacht ongelooflijk koud. Dat komt natuurlijk omdat we zo hoog zitten (Bryce Canyon ligt op 2400 meter hoogte). Toen we vanmorgen even een koffie-drink-stop maakten bij Ruby's Inn, net buiten het park, zagen we de ijspegels aan de bomen hangen (ze waren het gazon aan het besproeien, maar het leek wel alsof het gesneeuwd had). De avond daarvoor hadden we een lange discussie gehad over het vervolg van onze tocht via Zion National Park, waar we voor het komende weekend op het park een plaats op de camping hebben gereserveerd, en van daaruit zo langzamerhand weer naar Las Vegas, waar we volgende week woensdag de camper weer moeten inleveren. De North Rim van de Grand Canyon stond ook nog op het programma, maar uiteindelijk hebben we besloten om die te laten zitten om meer tijd te hebben voor dit deel van Utah en vooral voor Zion National Park. Dat was een moeilijke beslissing, want na de South Rim gezien te hebben waren we wel nieuwsgierig naar de North Rim, maar het gedeelte van de staat Utah waar we nu zijn is ook ongekend mooi, dus hebben we daar voor gekozen. Van hieruit zou het een lange rit naar de North Rim worden, en de volgende dag weer vrijwel langs dezelfde route terug naar Zion. Al met al te weinig tijd voor een bezoek dat recht zou doen aan de grandeur van de North Rim, plus het risiko dat we te weinig tijd zouden overhouden voor Zion.

Vandaag zijn we weer tot ongekende hoogte's gestegen. Maar om te beginnen zijn we vanuit Bryce Canyon eerst een klein stukje terug gereden over highway 12 naar het begin van de Mossy Cave trail. Dat is een (korte) wandeling langs een klein beekje (door de Mormonen pioniers aangelegd om hun boomgaarden en landbouwgronden te irrigeren). Het water stroomt vanuit Bryce Canyon over een kleine waterval naar beneden. Na deze wandeling hebben we het laatste (westelijke) stukje van highway 12 gereden via Red Canyon. De weg gaat door een paar tunnel(tjes) onder de rotsen door. Daarna kwamen we uit op highway 143. Allerlei borden met waarschuwingen voor sneeuw en verplichtingen van sneeuwkettingen (van Oktober t/m Maart) maakten ons duidelijk dat hier iets bijzonders aan de hand was. Deze weg klimt weer omhoog alsof het niets is, en onze camper heeft weer goed z'n best moeten doen. Opnieuw ging het door prachtige bossen met hagelwitte espen (we hadden deze bomen eerder berken genoemd, maar nu weten we dat het espen zijn). De bomen waren nog kaal, hier en daar braken de eerste blaadjes door. Locals vertelden ons dat het voorjaar hier uitzonderlijk koud was geweest, en op deze grote hoogte had dat tot gevolg dat de lente nu eigenlijk pas echt begon. Links en rechts van de weg lag de sneeuw nog te smelten. Uiteindelijk kwamen we aan in Cedar Breaks National Monument, een relatief klein park op meer dan 3000 meter hoogte. De rode kleur van de rotsen van Cedar Breaks werd gecombineerd met het wit van de sneeuw die hier nog van afgelopen winter en voorjaar ligt. Het plan was om hier ook een wandeling te maken naar de Alpine Pond, een klein bergmeertje. We hadden de keuze uit twee route's die vanaf de trailhead bij dit meertje uitkwamen, maar beide paden bleken na een paar honderd meter geblokkeerd te zijn door de sneeuw. Dat vonden we toch wel 'absurd'. Tenslotte hebben we onze pogingen om het meertje te bereiken maar gestaakt en zijn we verder door dit park gereden. Het viel ons op dat er geen andere campers reden, blijkbaar waren veel mensen afgeschrikt door de waarschuwingsborden aan het begin van de route (of waren wij de enige die niet ons gezond verstand hadden gebruikt). Hoe het ook zij, met een beetje overleg en stuurmanskunst was de route prima te rijden, al hebben we in de afdaling misschien wel een paar keer de 'speed limit' overschreden. De bedoeling was om in Cedar City de KOA camping op te zoeken. Cedar City zelf is een wat grotere, vrij ongezellige stad, en de KOA camping had helemaal een afschrikwekkend effect op ons: een groot, kaal terrein aan de Main Street, helemaal volgeparkeerd met campers. 'Gelukkig' was er geen plek meer vrij voor ons, en na enig bellen (we hadden even bereik met onze mobiel) vonden we een camping in de buurt van Zion National Park, ongeveer 30 minuten rijden van Cedar City (Zion River Resort, een prijzige camping, in vergelijking met wat we tot nu toe gewend zijn, maar in alles z'n geld waard). Dit bleek een geweldige camping te zijn (al met al schijnen we tot nu toe een gelukkige hand te hebben met het uitzoeken van onze campings). Prachtig aangelegd, full hook-ups, in een fraaie omgeving waar het landschap al een aanloop neemt in de richting van het vermaarde Zion National Park. Hier hebben we vanavond ons kamp opgeslagen, en waarschijnlijk blijven we hier staan tot we zaterdag verkassen naar de Watchman campground in het park. Zodoende hebben we morgen al vast de tijd om het park te verkennen en misschien een korte trail te doen. En die extra dag komt ons goed uit, want volgens de weersverwachting wordt het de komende dagen erg warm (35 - 40 C), en dus kunnen we wel iets meer tijd gebruiken om in alle rust van Zion te genieten.

Zo, langzamerhand is het weer bedtijd geworden (toch wel een belasting hoor, om tijdens je vakantie al die verslagen te schrijven). Hier laten we het voor vandaag bij. Morgen zullen we jullie verder vertellen over onze eerste verkenningen van Zion National Park en proberen we nog een paar foto's van vandaag te uploaden.

Bryce Canyon is waanzinnig!!!

Bryce is waanzinnig, absoluut uniek! We kennen geen andere plek op de wereld waar je zoiets kunt zien. Echt een adembenemend schouwspel! Prachtige oranje kleuren (als je denkt dat de oranje-gekte iets typisch Nederlands is, dan moet je hier eens komen kijken), afgewisseld met witte accenten, alsof het net gesneeuwd heeft. Bryce Canyon is eigenlijk geen echte canyon, zo werd ons uitgelegd. Onder een echte canyon verstaat men een kloof die is uitgesleten door een rivier, zoals de Grand Canyon. Bryce Canyon is het resultaat van erosie door wind, regen en zand. Door dit proces zijn in Bryce Canyon zogenaamde hoodoo's ontstaan, een soort rotspilaren die in lange rijen naast elkaar staan, in de typische 'Bryce-kleuren', oranje en wit. Jullie hebben al wat foto's van ons gezien die we maandagmiddag hebben gemaakt toen we met de shuttle naar het park zijn gereden vanaf Ruby's campground. Dinsdagmorgen zijn we naar de North campground in het park gereden en hebben we onze camper daar geparkeerd. Een mooie camping, midden in het bos (geen luxe faciliteiten, maar daar zijn we hier ook niet voor).

Dinsdag hebben we een combinatie van twee trails gelopen, de Navajo loop en de Queens Garden trail. De route ging helemaal naar beneden tot op de bodem van de 'canyon', zodat je midden tussen de hoodoo's loopt en tegen de hoge wanden van de canyon opkijkt. De rest van de dag hebben we heerlijk geluierd bij de camper (boekje gelezen, puzzeltje gemaakt, enz.). Van lekker rustig in de zon liggen kwam echter weinig, want de chipmunks (kleine eekhoorntjes) zijn hier hondsbrutaal en lopen je bijna over je voeten. Aan wild is hier overigens toch geen gebrek: prachtige blauwe en oranje vogels (thuis nog maar eens opzoeken hoe ze heten), en tegen het eind van de middag liep er een pronghorn antilope in het bos, vlak bij onze camper. Eerder die dag hadden we ook al een 'kudde' van vier antilopen door het bos zien rennen.

Woensdag hebben we de Rainbow Point tour gedaan. Dat is een tour met de bus naar het meest zuidelijke en hoogste punt in het national park, je raad het al: Rainbow Point. De standaard shuttles komen daar niet, die gaan alleen langs de meer noordelijke viewpoints. Vanaf Rainbow Point hadden we een prachtig uitzicht over de weide omgeving van Bryce Canyon, met als topper Navajo Mountain op hemelsbreed zo'n 120 km. We geloofden het niet, maar later op de kaart hebben we het opgemeten en Navajo Mountain ligt inderdaad op 131 km hemelsbreed van Rainbow Point. Stel je eens voor: je staat in Arnhem op een hoge bult en aan de horizon zie je Amsterdam liggen! Op de weg terug werden allerlei andere uitzichtspunten aangedaan, en overal heb je weer andere adembenemende uitzichten op de bizarre rotsformaties van dit park. De chaufeur vertelde onderweg allerlei wetenswaardigheden over de omgeving en allerlei andere anekdote's, zoals over Butch Cassidey en de Sundance Kid, die hier in de buurt hebben rondgezworven. 's Middags lekker gelunched in Bryce Canyon Lodge, een 'historisch' gebouw (wel 80 jaar oud!). Al met al heeft Bryce Canyon, zoals gezegd, een geweldige indruk op ons gemaakt, en dit park is zeker een aanrader voor iedereen die hier ooit eens in de buurt komt of een perfecte bestemming zoekt. Wel opschieten, want de erosie gaat gestaag door (elke honderd jaar knabbelt dit proces ongeveer een meter van de rand van de canyon af, en de hoodoo's worden alsmaar kleiner).

Via highway 12 naar Bryce Canyon National Park

Goedemorgen! (bij ons is het nu dinsdagmorgen 7 uur). We staan nu op Ruby's campground, een paar mijl van Bryce Canyon National Park. Vandaag verkassen we naar het park waar we een reservering hebben op de North Campground. Gisteren zijn we via highway 12 hier naar toe gereden. Zoals gezegd wordt highway 12 beschouwd als een van de allermooiste scenic byways van de US en wij vonden dat in geen enkel opzicht overdreven. Wat een prachtige route! De weg gaat in westelijke richting eerst door mooie naaldbossen en klimt verder door prachtige berkenbossen naar bijna 3000 meter hoogte. Onze camper heeft hard moeten werken om alle hellingen en afdalingen (tot 14%!!) te overwinnen. Uiteindelijk hebben we een plekje gevonden op Ruby's campground, dicht bij de ingang van het park. Met de shuttle zijn we vanaf de camping naar het park gereden en daar hebben we al wat eerste indrukken opgedaan van dit prachtige park. Wat een mooie kleuren en eigenaardige rotsformaties, weer heel anders dan wat we tot nu toe hebben gezien. Als het lukt zetten we al vast een paar eerste foto's op de site, dan zie je wel wat we bedoelen. Gisteravond hebben we gegeten in Ruby's Inn (het cowboy buffet) en het smaakte ons prima! Vandaag gaan we zoals gezegd met de camper het park in en willen we een trail lopen waarbij we naar de bodem van de Bryce Canyon gaan en weer terug. Verder bekijken we nog wel wat we gaan doen, want morgen (woensdag) zijn we hier ook nog. Jullie horen nog van ons. Groetjes!